Eén op de vier Vlamingen krijgt te maken met psychische problemen. Een kwart durft hier niet over te spreken. Zo blijkt uit een grootschalige enquête rond geestelijke gezondheidszorg van de Christelijke Mutualiteit. Met haar nieuwe campagne ‘Het Oprechte Vraagteken’ wil CM de drempel om te praten over mentale problemen verlagen. Hoog tijd, vindt ervaringsdeskundige en auteur Brenda Froyen. “Mentale gezondheid is te lang stiefmoederlijk behandeld tegenover fysieke gezondheid.”

(foto getty images)

Rol van de omgeving

In 2012 ging bij Brenda Froyen het licht uit. Ze kreeg een psychose, werd opgenomen in de psychiatrie en vocht tegen een depressie. Haar meisjesdroom was schrijfster en actrice worden. “Plots kreeg ik na mijn psychose een onderwerp om over te schrijven”, zegt Froyen. In 2014 verscheen haar boek ‘Kortsluiting in mijn hoofd’, waar ze samen met Stefaan Baeten later ook een voorstelling van maakte. Als ambassadrice van openheid over mentale problemen, is Brenda Froyen blij met de campagne van de Christelijke Mutualiteit. “Wanneer je kijkt naar uitval op het werk en zelfs doodsoorzaken, liggen mentale problemen vaak aan de basis. Ze hebben een enorme impact op vele levens en toch blijft het een taboe om erover te spreken.”

Dat bevestigt ook de enquête over geestelijke gezondheid die CM afnam. Ongeveer een kwart (23,6 %) van de mensen met psychische problemen durft hier niet over te praten met de nabije omgeving. “Dat is frappant”, zegt Carolien Luypaert, Stafmedewerker Gezondheidsbevordering. “Want het gaat hier over familie en vrienden.” Als reden geven velen op dat ze anderen niet willen lastigvallen of bang zijn voor hun reactie. “We zien dat de omgeving een grote rol speelt”, zegt Luypaert. “Vandaar dat we willen benadrukken dat het een opdracht van ieder van ons is om een gesprek aan te gaan.” CM lanceert ‘Het Oprechte Vraagteken’: om “ça va?” niet als begroeting te gebruiken maar écht te polsen naar hoe het gaat.

Openheid creëert openheid

Brenda Froyen (foto) merkt dat het taboe op bepaalde aandoeningen stilaan wegvalt. “Zo kunnen de meeste mensen een burn-out ondertussen wel plaatsen”, zegt ze. “Ook omdat het in ons economisch model past. Het antwoord is dan dat je gewoon te hard gewerkt hebt. Terwijl termen als ‘psychose’ of ‘borderline’ veel moeilijker liggen. Het wordt vaak een wij/zij-verhaal, zo van: mij overkomt zoiets niet.” Froyen merkt ook dat sociale media die openheid over mentale problemen nog meer bemoeilijken. “Er geldt zo’n strak normaliserend keurslijf. Daardoor is er weinig ruimte voor kwetsbaarheid.”

“Onderzoek wijst nochtans uit dat hierover praten heel erg kan helpen”, zegt Carolien Luypaert. Brenda Froyen merkt dit ook in haar lezingen over het onderwerp. “Openheid creëert openheid”, vertelt ze. “Want rechtstreeks of onrechtstreeks krijgt iedereen er mee te maken.” Laatst had ze een lezing in de Rotary Club. “Ik verwachtte dus chic volk en alles was effectief keurig ingekleed. Na mijn lezing, kwam er een vrouw op mij toegestapt, al huilend. Ze vertelde dat haar moeder zelfmoord had gepleegd en dat ze het nu pas een beetje begon te snappen. Aan zulke reacties merk ik: het is belangrijk om mijn verhaal te doen.”

Een overlopende kookpot

Na verschillende publicaties over het thema, bracht Brenda Froyen zonet ‘Pssst, het grote weetjes en niet weetjesboek over psychische … euh … je weet wel’ uit, een non-fictie kinderboek. Want tijdens haar eigen opname werd ze geconfronteerd met het gebrek aan informatie voor kinderen. “Daarbij vond ik het belangrijk om in de eerste plaats kinderen ernstig te nemen”, zegt ze. Daarnaast zocht ze naar een metafoor om het thema uit te leggen. Dat werd die van een kookpot die overloopt. “Sommige kookpotten doen dat met veel lawaai, anderen heel stilletjes”, legt Froyen uit. “En hoe komt dat dan? Blijkbaar verdampen positieve ervaringen nogal snel, terwijl trauma’s of verdrietjes blijven pruttelen. De ene loopt al rapper over dan de andere en voor uiteenlopende redenen.” Froyen vertelt dat veel volwassenen schrik hadden om zulke zware thema’s aan kinderen voor te schotelen. Maar de kinderen zelf reageren begrijpend en enthousiast. “Toen besefte ik: wij als volwassenen creëren het taboe gewoon zelf.”

Praten over mentale problemen met kinderen én volwassenen is één. Een goede begeleiding en terugbetaling is twee. “Sinds april is er het wettelijk kader voor de terugbetaling van eerstelijnspsychologie”, zegt Carolien Luypaert van CM. “En CM als gezondheidsfonds komt ook tussen bij psychotherapie. Dat is al een grote stap voor België.” Al blijft ook de kostprijs nog steeds een drempel. “We moeten ons bewust zijn van die valkuil. Wij blijven ons met CM als gezondheidsfonds inzetten voor een openheid en versoepeling van hulp rond psychische problemen.” Ook Froyen is nog niet uitgepraat over het thema. “Ik wil de boodschap meegeven dat ik gevallen ben maar ook weer opgestaan. Ooit wil ik graag boeken publiceren over een ander onderwerp. Maar op dit moment is het een te noodzakelijk thema om niet iets over te schrijven.”

Enkele resultaten uit de enquête rond geestelijke gezondheid

23,6 % van de mensen met een psychisch probleem spreekt hier niet over met de directe omgeving.
Ongeveer de helft zwijgt hierover omdat ze het probleem zelf willen oplossen of omdat ze de omgeving niet willen belasten.

27,89 % van de mensen met een psychisch probleem zoekt geen professionele hulp.
Meer dan de helft geeft aan het probleem zelf te willen oplossen, voor 32,93 % is de kostprijs een valkuil.

Tekst: Maren Moreau – Foto: Hilde Segers – Klikout