Kelly Deriemaeker is journaliste, getrouwd met Youri, mama van een vreselijk leuk zoontje, Dexter, en een felle bloem van een dochter, Flo. Voor Steps schrijft ze elke maand een beklijvende column, en die kun je ook hier lezen.

“Of ik niet goed bij mijn hoofd ben. Of ik op dat hoofd ben gevallen en ben blijven botsen. Of ik in een midlifecrisis zit, misschien. Je zou denken dat ik iets strafbaars heb gedaan. Terwijl ik niks  anders deed dan een paar keer om zes uur ’s ochtends deel te nemen aan een les early morning pilates in de plaatselijke health club.

Die pilates is het probleem niet (al vind ik wat ze ons daar laten doen zotter is dan wat volgt), die zes uur ’s ochtends wel. Hoe laat moet je daar dan voor uit bed? (vijf uur, in mijn geval) Hoe laat moet je daar dan voor in bed? (voor tien uur, als dat kan) Hoe gek moet je daarvoor zijn? (valt mee)

Ik ben een ochtendmens. Altijd geweest. Tegen de middag is mijn voornaamste kruit verschoten, en daar kan ik mee leven. Als student in de blok was ik diegene op mijn kot die opstond als de anderen net in bed waren gekropen. Ook diegene die in bed kroop als de anderen juist in vorm raakten, want neen, je kunt in dit leven niet alles hebben.

Ik geniet ongelooflijk van mijn ochtend-ritueel, en een paar keer per week hoort vroeg opstaan daarbij. Ik snooze niet (dat maakt alles alleen maar lastiger), ik spring uit bed om vijf uur, en begin aan een van mijn favoriete momenten van de dag.

Ingrediënten: koffie, pen en papier, mijn gedachten. Ik schrijf mijn ‘Morning Pages’, een oefening waarbij ik alles dat in mijn hoofd dwarrelt op papier zet, tot ik drie A4’tjes heb gevuld en mijn hoofd leeg is. Ik mediteer een minuut of tien. Lees wat, luister naar een boeiende podcast.

Tegen dat man en kinderen opstaan, treffen ze een moeder aan die al tijd heeft genomen voor zichzelf, en daardoor ook meer rek heeft om zich in te zetten voor zij die haar vanaf dan voor alles nodig hebben. Bij de man valt dat mee, trouwens, die vertrekt tegenwoordig ook een keer per week om vijf uur naar het werk, omdat hij dan zo veel meer gedaan krijgt. Wie bij de hond slaapt, vangt niet alleen zijn vlooien, maar ook zijn ochtendgoesting.

Die pilates dus. Je zou denken dat daar geen kat op afkomt, in Ieper, op zo’n goddeloos uur. Vergeet het. De lessen worden steeds populairder, het groepje mensen dat zich voor zeven uur al in het zweet heeft gewerkt, groeit gestaag aan.

Het moordlijf dat ik ermee voor ogen heb, laat nog op zich wachten, maar het lijf dat ik heb, stuitert na zo’n ochtendsessie wel doorheen de dag van energie. Tot een uur of drie, toch. Daarna is het beste eraf, en begin ik stiekem al weer te verlangen naar mijn eerste ochtendkoffie.”

(foto Ellen Van den Bouwhuysen)