Jacqueline Goossens heeft met ‘New York’ haar achtste boek over de bruisende wereldmetropool uit. De Oost-Vlaamse trok in 1980 met haar man Tom naar de Big Apple om verslag uit te brengen over de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Veertig jaar later wonen en werken ze er nog steeds.

“Ik besef dat wij veel geluk hebben gehad, ondanks de moeilijke periodes waar we zijn doorgegaan. Ons eerste New Yorkse appartementje bevond zich in een kelder. Door een gebrek aan zonlicht en kakkerlakken hebben we het er niet lang volgehouden (lacht). Daarna zijn we een paar keer verhuisd, naar onder meer Brooklyn – naar een buurt die toen nog werd geteisterd door drugs en misdaad – en naar Staten Island waar we onze intrek namen in een vervallen huis met zestien kamers dat daarvoor werd bewoond door krakers-junkies. Nu klinkt dat allemaal redelijk onwaarschijnlijk, maar in die tijd waren er behoorlijk wat jonge mensen die gelijkaardige dingen deden om toch maar in New York te kunnen wonen. Hoewel de stad als gevaarlijk werd aanzien, genoot je hier wel van artistieke vrijheid. We leefden niet in luxe, maar wel voluit. We hadden altijd een dak boven ons hoofd (soms lekkend, maar enfin), voldoende eten, veel gastvrije vrienden…”

“Vandaag wonen we in een mooier huis op Staten Island, met een houten schommelstoel en een grote tuin waar we enorm van genieten. Zonder luxe, maar daar streven wij ook niet naar. Tom en ik leven als bohemians en gaan niet mee in de overconsumptie. We kopen heel weinig spullen. Omdat het in New York een traditie is om veel te verhuizen, zetten mensen vaak (een deel van) hun inboedel op straat om gratis mee te nemen. Niemand die er raar van opkijkt. Ook wij leven zo. Zelfs onze twee parkieten Witteke en Blue zijn gevonden (lacht).”

“De voorbije veertig jaar op New Yorkse bodem ben ik altijd blijven schrijven voor Vlaamse kranten, magazines en uitgeverijen. Twee jaar geleden stelde de uitgeverij Hannibal Books de vraag om samen met Tom een boek te schrijven over New York. De ondertitel luidt, een fotografische reis naar het wervelende verleden van een wereldmetropool. Het is geen toeristische gids, wel een tijdloos werk over de metamorfoses van New York, de geschiedenis, architectuur en kunst. Door corona ben ik nog niet naar België kunnen komen voor een bookparty en voordrachten. Hopelijk lukt het nog later dit jaar. Deze crisis heeft ook grote gevolgen voor mijn job als stadsgids voor Belgische en Nederlandse toeristen. Mijn laatste rondleiding was in maart vorig jaar. Ik probeer wel creatief te zijn. Zo heb ik tijdens de presidentsverkiezingen een weekje in een stembureau gewerkt. Lange shiften, goed betaald en het was ook een leuke manier om veel buren terug te zien.”

“New York ligt op toeristisch vlak helemaal op z’n gat, hoewel er in 2020 liefst 67 miljoen mensen werden verwacht. Ik heb wel vertrouwen in dat het weer goedkomt. Ook na 9/11 is New York sneller dan verwacht weer rechtgekrabbeld. Waar ik mij wel oprecht zorgen over maak, is de horeca. Hoeveel van de 26.000 New Yorkse bars en restaurants zullen nog opnieuw openen na deze crisis? Zelf probeer ik er het beste van te maken. Hoewel ik al veel heb genoten van de ongewone rust op veel plaatsen, mis ik ook de krankzinnige drukte en energie. Ik verlang ook om met vrienden af te spreken voor een ontbijtje met een hot chocolate. Maar ik klaag niet. Ik woon in de mooiste stad ter wereld, dat op zich is voor mij al alle dagen genieten.”

“Er wordt mij vaak gevraagd of ik mij een Vlaamse of een New Yorkse voel. Ik citeer dan weleens John Lennon die ooit zei: “I wish I was born here”. Ik begrijp hem. Ik zie nationaliteit eerder als een toevalligheid. Ik ben in België geboren, maar daarom moet ik geen trouw zweren aan bloed en bodem. Wat ik enorm waardeer aan de New Yorkse cultuur is dat zelfstandigheid, mondigheid, durf en creativiteit gigantisch worden gestimuleerd. Heel relevant voor mij is het gemak dat ik heb overgenomen om onbekenden aan te spreken of het woord te vragen op vergaderingen, accent of niet. Bijna de helft de bevolking in New York is van de eerste generatie immigrant, het wemelt hier dus van de accenten. Intussen heb ik ook al heel wat Amerikaanse gewoontes overgenomen, zoals elke dag een vers washandje en schotelvod gebruiken of een klein kwartier uittrekken om mijn tanden te verzorgen. Poetsen, flossen, spoelen, … Exact dertien minuten! (lacht)

“Definitief terugkeren naar België? Never say never, maar voorlopig is het antwoord nee. Mocht ik een tegenslag kennen, is het wel mogelijk. Ik ben wettelijk erkende burger van niet één, maar twee van de rijkste landen ter wereld, hoewel het aantal vluchtelingen elk jaar toeneemt. Hoeveel geluk kan een mens hebben?”

De tips van Jacqueline

Plan je een bezoek aan New York zodra de coronacrisis achter de rug is? Dan heeft Jacqueline nog enkele goede tips.

De boot

“Om de sfeer van New York op te snuiven, moet je minstens een keer – en het liefst meerdere keren – de boot nemen. Mogelijkheden genoeg, want New York is een verzameling van 43 eilanden. De bekendste en grootste zijn Manhattan, Staten Island en het deel van Long Island waar Brooklyn is gevestigd. Mijn lievelingsmoment van de dag op het water is bij zonsondergang.”

Fietsen

“Gelukkig komen er in New York almaar meer fietspaden bij, al blijft het wel opletten geblazen in het drukke verkeer. Zelf fiets ik ook veel, zowel in mijn vrije tijd als met mijn klanten. Mijn tip is dat je het best fietsen huurt bij een gereputeerde zaak. Als je een Citibike neemt (de blauwe stadsfietsen die je op straat kunt uitchecken met je kredietkaart) moet je altijd de goede kleine lettertjes lezen zodat je op het einde van de dag geen gepeperde rekening krijgt.”

Culinair

“Op culinair vlak is New York een droom, zowel voor wie graag op restaurant gaat als graag zelf kookt. Je kunt hier als het ware elke dag in een ander land eten. Een bezoekje waard zijn de ‘farmers of green markets’ (de grootste vind je op Union Square), waar lokale boeren er hun verse waren verkopen. Ook de vele streetfoodkraampjes zijn heel populair. Ze hebben een uitgebreid aanbod van geperste fruit- en groentesappen tot klassiekers zoals hotdogs, pretzels, gepofte kastanjes en gekarameliseerde pindanootjes.”

Groene stad

“Mijn klanten merken vaak op dat New York ook een groene stad is. Er zijn niet minder dan 1.700 groene zones – van beroemde parken zoals Central Park tot piepkleine pocket parks waar je zalig kunt genieten. Wie tijdens de zomer naar New York reist, neemt het best zijn zwemgerief mee, ook al heeft je hotel geen zwembad. De stad telt meer dan zestig gratis (!) openluchtzwembaden en 22 twintig goed onderhouden stranden (je zou het bijna vergeten, maar New York ligt ook aan zee), inclusief kleedhokjes, sanitair en douches.”

Het boek New York is te verkrijgen in de betere boekhandel of via hannibalbooks.be, blog via jacquelinegoossens.wordpress.com.

tekst: Nikita Vindevogel – beeld: Bart Michiels