Van de wandelende Disney-attractie en de pornoactrice-look tot de Johnny- en Marina-look. Vlaanderens bekendste stylist en tv-persoonlijkheid Jani Kazaltzis creëerde de afgelopen jaren een toch wel bijzondere woordenschat om modemissers te benoemen. Goed nieuws voor de fans van zijn gevatte oneliners, want in het boek ‘Wat zou Jani zeggen?’ bundelt hij zijn hilarische citaten en uitspraken. Hij blikt terug op de mode van de voorbije decennia, de (foute) trends en looks en geeft ook tips en advies over hoe het dan wél moet.

Jani, ik moet iets bekennen: ik had vanmorgen een outfitstresske.

Dat is toch niet nodig, schat. Ik vind dat iedereen zijn eigen unieke look en stijl mag hebben. Ik zal nooit ongevraagd mijn mening geven. Het is niet zo dat ik naar iemand kijk en onmiddellijk weet wat ik ermee zou doen. Technisch weet ik dat natuurlijk wel, maar om een look te bepalen, moet je ook weten wie die persoon is en wat zijn stijl is. Maar ik kan de stylist in mij heel goed uitzetten hoor.

Je boek kreeg wel de toepasselijke titel ‘Wat zou Jani zeggen?’

Het boek verzamelt een tweehonderdtal uitspraken die ik de afgelopen jaren maakte omtrent extreme en foute looks. Net zoals in Zo Man Zo Vrouw bespreek ik ook hoe het dan wél kan en geef ik concrete tips en advies. Waarom ik die looks zo goed kan omschrijven? Ik spreek uit eigen ervaring; ik heb me schuldig gemaakt aan alle foute looks uit mijn boek. Als je trends volgt, heb je dat gewoon snel voor. Dan kijk je vijf jaar later terug naar foto’s en denk je ‘wat had ik toen aan’?

Wat waren jouw grootste modemissers?

Echt alle foute looks die bestaan, heb ik gehad en daar ben ik eigenlijk heel fier op. Ik droeg driekwartsbroeken, Jezussandalen, Buffalo’s en gaas-T-shirts. Ik heb paars haar en een hanenkam gehad. Al wat fout kon lopen in de jaren 90, liep fout. Ik droeg heel extreme, uitgesproken dingen. Mijn experimentele fase heeft ook heel lang geduurd, maar ik vind dat je die periode moet doormaken. Nu ben ik op een leeftijd waarop ik de trends minder volg en meer voor een tijdloze look ga.

Ondertussen draait op Vier het 12de seizoen Zo Man Zo Vrouw. Is stijl iets dat we kunnen leren?

Voor mij betekent ‘stijl hebben’ dat je weet waarmee je goed staat en hoe je met de juiste kleren het beste uit jezelf haalt. Waarom zou je dat niet kunnen leren? Ga eens langs een stylist of koop een boek; je kan jezelf er gemakkelijk in verdiepen. Ik geloof echt wel dat iedereen zichzelf kan verbeteren. Ik merk dat wanneer ik mensen stylingtips geef of hen restyle dat ze nadien ook goed weten welke richting ze uit moeten. Vaak weet je die dingen zelf ook wel, maar als iemand het bevestigt dan doe je het zeker.

Wat is de meest gemaakte fout die je tegenkomt als stylist?

Te comfortabel zijn met je partner. Zo van ‘we zijn getrouwd, we hebben een kindje, we moeten ons niet meer mooi maken voor elkaar’. Of, ‘we zijn volop aan het verbouwen, I don’t give a shit anymore’. Ik begrijp dat je andere prioriteiten hebt, maar toch. Ik kleed me in het weekend speciaal voor mijn partner op. Ik kan me op een zondag drie keer omkleden, dat vind ik echt fijn. Een outfit om te gaan wandelen met de hond, daarna trek ik iets anders aan en ‘s avonds kleed ik me op om te gaan eten. Ik vind dat fijn, shoot me.

Hang jij dan echt nooit in joggingbroek in de zetel?

Ik draag bijna nooit een joggingbroek. Ik heb er moeten kopen voor de repetities van Dancing with the Stars (op VIER, red.). Op eentje liet ik een smokingband zetten zodat het een kostuumbroek lijkt. (lacht) Ook jeansbroeken draag ik zelden. Als ik er een aanheb, wil ik thuis ook altijd onmiddellijk in iets comfortabels kruipen. Ik draag kostuumbroeken of chino’s, die zijn toch even comfortabel om in de zetel te hangen? Ik snap het concept van een lelijke trainingsbroek en een uitgelubberde sweater echt niet. Waarom zou comfortabel synoniem moeten zijn van oud en versleten? Ik begrijp dat het op een mindere dag verleidelijk is om naar je comfortlook te grijpen, maar dat is een kant die ik zelf niet graag opga. Voel ik me niet goed, dan kleed ik me net wel op en smeer ik een extra verzorgingscrème op mijn gezicht. Jezelf verzorgen, vind ik belangrijk en je gaat jezelf er automatisch beter door voelen. Waarom zou je kiezen om negatiever voor de dag te komen als je jezelf kan pushen om positief te zijn?

Je maakt er geen geheim van dat je fillers gebruikt. Hoe ervaar je die constante focus op je uiterlijk die met je job gepaard gaat?

Ik focus me er eigenlijk niet zo hard op. Ik wil er niet jonger uitzien, ik wil er gewoon niet moe uitzien. Moest ik niet meer in beeld komen, dan zou ik het waarschijnlijk ook niet meer doen. Maar ik zou nooit een facelift laten doen. Ik amuseer me liever dan dat ik constant op mijn uiterlijk gefocust moet zijn. Ik denk dat ik in beeld de stomste koppen ter wereld trek.

Jij komt over als een enthousiast persoon met veel energie. Is dat ook wie je off-screen bent?

Ik ben eigenlijk heel saai. (heel serieus) Nee, ik ben in het echt rustiger. Mijn job is wel een soort van uitlaatklep voor mij. Terwijl andere mensen na hun werk nog een uitlaatklep nodig hebben, is dat bij mij dus andersom. Ik amuseer mij kapot op mijn werk, thuis wil ik het dan wat rustiger aan doen.

Als jij niet aan het werk bent, waar spendeer je dan graag je tijd aan?

Koken, ik kook elke dag. Dat vind ik heel ontspannend. Ik kook echt van alles. Wanneer er vrienden komen eten, kook ik vaak Grieks, omdat ze er specifiek naar vragen. Ik heb heel veel van mijn mama geleerd. En in de winter sla ik aan het bakken. Ik zeg het je, ik ben saaier dan je denkt. (lacht)

Dit heeft Jani gezegd (quotes uit het boek):

Het bijenbuffet: “Een bijenbuffet is iemand die altijd en overal bloemenmotiefjes draagt, iemand die van top tot teen bezaaid is met madeliefjes of ander natuurschoon. De enigen die daar blijer van worden, zijn bijen en insecten, verder niemand.”

De bakfietslook: “In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, is een bakfiets geen feitelijke vereiste voor deze look. De naam is gebaseerd op het gegeven dat heel wat mensen die de bakfiets hebben geïntroduceerd in het straatbeeld, dezelfde outfit dragen: een groene linnen broek met daarop een oranje T-shirt óf een bloemetjesrok uit stretchkatoen met daaronder bruine, versleten laarsjes.”

Het aubergine’ke: “We kennen allemaal minstens 2 aubergine’kes: vrouwen die enkel bordeaux dragen en zelfs hun coupe in hun lievelingskleur lieten verven. Is daar iets mis mee? Nee. Is het een winnende combinatie? Ook niet.”

Wat zou Jani zeggen?, Jani Kazaltzis, Uitgeverij Lannoo, 24,99 euro – verschijnt 8 oktober 2019

Tekst: Laura Claessens – foto: Greetje Van Buggenhout