Kiemen zijn echte smaakbommetjes die boordevol vitaminen en mineralen zitten. Omdat ze daarbij nog heel decoratief ogen, maken koks er handig gebruik van om hun borden op te fleuren. En leuk: je kunt ze ook zelf kweken!

Welke soorten zijn er?

In principe kun je alle soorten groenten laten ontkiemen, maar in de handel vind je speciale kiemgroenten die heel populair zijn. Prei en ui bijvoorbeeld, maar ook rucola en broccoli – of zelfs rodekool – zijn echte toppers.

Dit heb je nodig

  • Een laagje watten of keukenpapier.
  • Een plastieken schaaltje.
  • Een zakje kiemgroentezaad.

 

Zo doe je het

  • Week je zaden voor. De tijd varieert van groente tot groente. Voor prei en ui is dit 8 tot 12 uur en voor rucola, broccoli en rode kool tussen 4 en 8 uur.
  • Vul je schaaltje met een bodempje water.
  • Bedek de bodem van je schaaltje met een egaal laagje watten of met een driedubbele laag keukenpapier.
  • Strooi de kiemzaden gelijkmatig uit en druk een beetje aan. (Tegen elkaar mag, op elkaar niet).
  • Zet de pot binnenshuis op een plaats met veel licht, maar niet in de felle zon.
  • Giet elke dag het water af en doe een vers laagje water in je schaaltje.
  • Controleer elke dag op schimmelvorming.

 

Na een paar dagen zijn de kiemen voldoende gegroeid en kun je oogsten. Knip ze af net boven het papier en spoel ze goed af. Je kunt ze nog een weekje bewaren in de koelkast.

Tip: leg ze tussen je boterham of pimp je smoothie met een paar plukjes kiemen.

Smakelijk!

 

Bron: moestuinweetjes