Sinds de coronapandemie verloopt ons eetpatroon een ietsepietsie anders. We vinden massaal onze weg naar de lokale handelaar en doen vaker aan seizoenshoppen. We houden van vers, gezond, biologisch en ecologisch eten. Daarnaast bestellen we massaal foodboxen en is afhaaleten helemaal ingeburgerd. Al deze veranderingen hebben nog een andere nevenwerking: er ontstaat zowaar een nieuwe woordenschat. Even bijpraten!

Het E-food tijdperk doet haar intrede

Tijdens de eerste lockdown mochten we niet uit ons kot. Webshops waren het enige alternatief om toch maar die nieuwe zomerschoenen te bemachtigen. Online bestellen was niet langer voor dummies. Foodboxen waren al populair, nu worden verse levensmiddelen na een paar muisklikken netjes voor je deur afgeleverd. We leven in een nieuw tijdperk met de klinkende naam: het e-foodtijdperk!

Flexitariërs

Wij zijn van nature alleseters en een stukje vlees mag niet ontbreken op ons dagelijks menu. Toch beseffen veel mensen dat we ons voedingspatroon noodgedwongen moeten veranderen om onze ecologische voetafdruk binnen de perken te houden. Eet je minstens een dag per week geen vlees dan mag je jezelf, volgens Natuur&Milieu, een flexitariër noemen.

Functioneel eten

Functioneel eten doet meer dan alleen je honger stillen. Het heeft een toegevoegde waarde voor je gezondheid. Kombucha en matcha bijvoorbeeld klinken niet alleen gezond, ze bevatten daadwerkelijk stoffen die een positieve werking kunnen hebben op ons gestel. Het goede nieuws is dat je deze gezondheidsbommetjes straks terugvindt in sprankelende drankjes zoals tonic en sodawater. Er is zelf een bier op de markt die vol proteïnes zit, Het is de ideale hersteldrank voor na het sporten, het bevat weinig calorieën en het lest de dorst. Daarmee wordt het aanbod van functionele drankjes sterk uitgebreid.

Biotech

Dat is niet de nieuwe term voor brandstof, maar wel voor nieuwe productieprocessen die het mogelijk maken om voedsel te kweken in een petrischaaltje en daarmee het milieu beter te beschermen. Echte melk maken zonder koe is dus niet langer taboe, hoewel het waarschijnlijk nog een hele tijd zal duren voor we labovoedsel in de winkelrekken vinden.

(foto getty images)