Het thuiskantoor – dat sinds de coronacrisis voor veel kantoormedewerkers de nieuwe realiteit is geworden – werkt beter voor vrouwen dan voor mannen. Dat blijkt uit een recent, gevalideerd onderzoek van mobiliteitsplatform Toogethr in samenwerking met onderzoeksbureau Ruigrok NetPanel.

De belangrijkste voordelen zijn geen reistijd (59%), een betere balans tussen werk en privé (49%) en het zelf bepalen van de werktijden (42%). Toch heeft 12 procent van de werknemers het zeer moeilijk met thuiswerken. Voornamelijk het sociale contact met collega’s wordt gemist. Minder contact met collega’s is voor de helft van de kantoormedewerkers het belangrijkste nadeel van thuiswerken.

Vrouwen zijn productiever in thuiswerk dan mannen

Thuiswerken bevalt over het algemeen meer vrouwen (73%) dan mannen (67%). Bovendien geven vrouwen (35%) aan productiever te zijn dan mannen (24%). Vrouwen zien daarboven ook meer voordelen van thuiswerken, zo blijkt uit enkele parameters. Opvallend is dat meer vrouwen (46%) dan mannen (32%) rapporteerden dat ze meer tijd hebben tussendoor voor huishoudelijke taken en rapporteren ze dat pauze nemen wanneer ze willen een groot voordeel is. Verder missen vrouwen (72%) meer het spontaan contact met collega’s op het werk dan mannen (54%).

De toekomst van kantoor

Veel bedrijven maken al bekend de rol van kantoor na de pandemie te veranderen en zal zijn kantoorruimte afslanken. Als het aan de werknemers ligt, blijft telewerk in de toekomst belangrijk. Kantoormedewerkers willen minder vaak naar kantoor gaan en zien het kantoor meer als een plaats voor sociaal contact dan om te werken. Waar kantoormedewerkers voor de coronacrisis gemiddeld 4.4 dagen per week naar kantoor gingen, geven ze nu aan dat ze gemiddeld liefst 3 dagen per week naar kantoor zouden gaan wanneer alle maatregelen over zijn.

Bovendien zien kantoormedewerkers de rol van van het kantoor na de crisis volledig veranderen, van een plaats om samen te werken naar een plek om te overleggen met collega’s. Kantoormedewerkers die dichtbij wonen (minder dan 5 kilometer) zien een kantoor vaker als plek om te werken dan kantoormedewerkers die meer dan 5 kilometer moeten reizen. De coronacrisis heeft ook zijn impact gehad op de voorzieningen die werknemers op de werkvloer missen, namelijk sportruimtes (20%), stilteruimtes om te werken (17%); spelruimtes (16%), een vaste parkeerplek (15%) en een café/koffiebar (15%).

1 op 4 kantoormedewerkers werkt nooit van thuis

Hoewel thuiswerk alomtegenwoordig is, blijkt uit het onderzoek dat ook een opvallend aantal van 1 op 4 kantoorwerkers nooit van thuis werkt. Hoe jonger de medewerker, hoe vaker men van thuis werkt. Waar slechts een op vijf 25 tot 34-jarigen nooit van thuis werkt, is dat in de leeftijdscategorie 55 tot en met 65 jaar een op drie.